Wat hebben we hier nu? Dit, beste mensen, is een screenshot van een eenvoudig digitaal tooltje dat we in minder dan twee uur bouwden (of beter gezegd: lieten bouwen) met behulp van Vibe Coding: de ‘Wij zijn De Stad Agendamonitor’.
Vibe coding is iets laten programmeren door aan AI in gewone taal uit te leggen wat je wil maken, waarna de AI de code schrijft, aanpast en foutmeldingen helpt oplossen.
We vinden het geweldig dat we voor Wij zijn De Stad nu zelf dingen kunnen (laten) maken die een paar jaar geleden nog ver buiten bereik leken. Niet omdat we ineens programmeurs zijn geworden, verre van zelfs, maar omdat gereedschap als ChatGPT en Codex de drempel radicaal verlaagt. Sinds vorige week kunnen we Codex hier eindelijk goed draaien, dankzij een nieuwe laptop met een chip die het wèl aankan. Daardoor kunnen we, buiten ons reguliere werk om, af en toe eens proberen wat ideetjes uit te werken, zonder afhankelijk te zijn van derden.
Een van die ideetjes was een ‘agendamonitor’. Al tijden denken we: wat zou het handig zijn als er een lokaal hulpmiddel is dat automatisch meekijkt met agenda’s van podia, kerken, bibliotheken, cafés, organisaties en andere plekken in Middelburg, en daarna signaleert wat nog ontbreekt in de agenda van wzds.z2d.nl.
Het kost ons namelijk altijd relatief veel tijd om die agenda compleet te krijgen. Er zijn heel veel events en activiteiten in Middelburg, die zeer gefragmenteerd worden gedeeld en gepresenteerd. Bij de een in stories op Instagram, bij de ander op Facebook of een website. Hoe fijn is het dan niet om te kunnen beschikken over een soort digitale stagiair met eindeloos geduld, die de saaie rondjes langs alle platformen doet, zodat we zelf meer tijd houden voor duiding, foto’s, verhalen, twijfelgevallen, kleine correcties en de menselijke toon?
Wel, nu is die stagiair er dan, na twee uur chatten met Codex. De monitor is zeker nog niet perfect. Hij is in staat om de agenda’s van de grotere organisatie te vergelijken met die van WZDS, maar het geautomatiseerd verzamelen van informatie van kanalen op Facebook en Instagram wordt al een stuk ingewikkelder. Dat is dan wellicht een uitdaging voor later. Het is tenslotte maar een experiment.
Maar het is wel een experiment waar we energie van krijgen, dat smaakt naar meer. Het voelt weer helemaal als onze eerste jaren op internet en, bijna tien jaar later, het begin van ‘Web 2.0.’ Zie ook de bijdrage Een mooie reis: 20 jaar bloggen in Middelburg).
Ineens kon je publiceren zonder krant, uitzenden zonder omroep, foto’s delen zonder beeldredactie, een publiek opbouwen zonder instituut. Natuurlijk werd ook dat web later opgekocht, dichtgetimmerd, geplatformiseerd en vermarkt. Maar de eerste energie was echt: zelf doen, zelf leren, zelf delen. Blogs, Flickr, YouTube, Hyves, Twitter, RSS, podcasts: het voelde alsof de drukpers, radiostudio en dorpspomp tegelijk op je bureau waren gezet.
Een gelijkgestemde in dit kader is Erwin Blom. Je kunt hem volgen via zijn kanaal en nieuwsbrieven op.via Substack, FMT Handpicked. Blom wijst, terecht, óók op de schaduwzijden van AI: de macht van grote bedrijven, het enorme geld, de energiehonger, de ondoorzichtigheid en de vraag wie er uiteindelijk beter van wordt. Maar hij laat óók steeds zien dat dezelfde technologie iets openbreekt voor kleine makers, zelfstandigen, redacties, hobbyisten, muzikanten, archivarissen en lokale doeners. Zie ook het interview met Erwin, over zijn Handboek Vibecoding.
We snappen heel goed waarom Erwin Blom AI en vibe coding soms vergelijkt met de punkbeweging. AI heeft een duistere en gevaarlijke kant, zeker, maar onder die dikke laag Silicon Valley zit óók iets wat wij herkennen: de doe-het-zelfmentaliteit. Niet wachten tot een groot bedrijf, een dure bouwer of een beleidsclubje iets voor je maakt, maar zelf proberen, prutsen, bouwen, publiceren, verbeteren. Do-it-yourself! Of korter: DIY.
In zekere zin doen we het zelf ook al twintig jaar deels zelf. Eerst met blogs, later met Middelburg Dronk, Wij zijn De Stad, beeldbanken, lijstjes, kaarten, verhalen en archieven. Alles wat ons hielp om Middelburg beter zichtbaar, vindbaar en deelbaar te maken, pakten we op. Het liefst zo onafhankelijk mogelijk. Op Mijns Inziens stond die hang naar vrijheid, zelfstandigheid en zelf kunnen maken ook altijd centraal. Zie bijvoorbeeld De zoekende ZZP’er: van teams kom je niet zo maar los, van 2012.
Daarom voelen ChatGPT en nu ook Codex nu als een hele spannende ontwikkeling. Niet omdat het alles oplost, laat staan omdat het altijd gelijk heeft. Maar omdat het kleine makers ineens gereedschap geeft dat vroeger alleen voor teams, bureaus of programmeurs was weggelegd. Een lokale site verbeteren. Een agendamonitor bouwen. Oude data opschonen. Een beeldbank slimmer doorzoekbaar maken. Een idee niet eindeloos bespreken, maar gewoon uitproberen.
Dat is misschien niet de hele punkbeweging. Maar het is wel die oude punkreflex: pak wat je hebt, maak herrie, leer onderweg, en wacht vooral niet tot iemand anders het voor je regelt. Als niemand het bordje ophangt, dan timmeren we er zelf wel eentje.
Doe-het-zelf begon ooit heel letterlijk: zelf bouwen, repareren en aanpassen. In de vroege twintigste eeuw ging het vooral om klussen in en om het huis. Tijdschriften als Popular Mechanics leerden lezers hoe ze zelf dingen konden maken of herstellen. In de jaren vijftig werd ‘do it yourself’ een algemeen begrip. Maar gaandeweg werd DIY veel meer dan goedkoop klussen. Het werd een houding: niet wachten tot een bedrijf, instituut of deskundige iets voor je regelt, maar zelf beginnen.
Vanaf de jaren zeventig kreeg die houding een scherpere culturele lading door punk. Punk zei eigenlijk: je hebt geen conservatorium, platencontract, professionele studio of keurige toestemming van bovenaf nodig om iets te maken. Drie akkoorden, een kelder, een goedkoop opnameapparaat en een kopieerapparaat konden genoeg zijn. Bands namen zelf muziek op, brachten singles uit op eigen labels, boekten optredens, maakten posters en verkochten shirts en cassettebandjes. Rond die muziek ontstond een hele infrastructuur van fanzines, kleine labels, kraakpanden, oefenruimtes, mailorder en alternatieve podia.
Dat is misschien wel de kern van DIY in muziek: controle over productie én distributie. Niet alleen het liedje zelf, maar ook de hoes, de flyer, de recensie, de tour en het netwerk eromheen. De fan werd geen passieve consument, maar deelnemer. Zelf een zine maken over je favoriete bands, zelf een optreden organiseren, zelf een cassette kopiëren: het hoorde allemaal bij dezelfde mentaliteit. Later namen ook indie, riot grrrl, hardcore, hiphop, elektronische muziek en allerlei lokale scenes die houding over.
Met internet kreeg DIY vervolgens een enorme versnelling. Wat eerder via kopieerapparaten, post, platenbeurzen en mond-tot-mondreclame ging, kon ineens online. Forums, weblogs, persoonlijke websites, mailinglijsten en later YouTube, Bandcamp, SoundCloud, Instagram en TikTok maakten het makkelijker om kennis, muziek, handleidingen, beelden en verhalen direct te verspreiden. De oude DIY-vraag, ‘waarom wachten tot iemand anders dit mogelijk maakt?’ kreeg online een nieuw antwoord: publiceren kan nu gewoon zelf.
Daarmee werd DIY breder dan klussen, punk of muziek. Het werd de basis onder makerscultuur, open source, modding, citizen science, blogs, podcasts, onafhankelijke journalistiek, tutorials, home studio’s en kleine digitale gemeenschappen. Iedereen met een laptop, telefoon of simpel opnameprogramma kon ineens uitgever, radiomaker, ontwerper, programmeur, fotograaf, archivaris of verslaggever worden.
Voor Wij zijn De Stad zit daar precies de aantrekkingskracht. AI is niet alleen ‘handig omdat het sneller gaat’. Het is interessant omdat het kleine spelers gereedschap geeft dat eerder vooral bij grotere organisaties lag. Natuurlijk moeten we kritisch blijven. Natuurlijk moeten we niet doen alsof alles gratis, neutraal of onschuldig is. Maar de andere kant is óók waar: er komt ruimte voor kleine ideeën, smalle onderwerpen, lokale projecten en eigenzinnige toepassingen die anders nooit gebouwd zouden worden.
En dus voelt dit, met alle kanttekeningen, soms toch een beetje als punk. Niet omdat een agendamonitor een leren jasje draagt of drie akkoorden speelt, al zouden we dat waarderen. Maar omdat het dezelfde energie heeft: zelf proberen, zelf bouwen, zelf publiceren, zelf verbeteren. Access to tools, maar dan met een knipperende cursor.
Afb. 1: ons FB-logo, licht bewerkt door CGPT
Afb 2: off-topic: de nieuwe dichttegel van Michael, bij ZB Bibliotheek van Zeeland
Afb 3: een screenshot van de monitor