Het Middelburg van de zeventiende eeuw doet van zich spreken deze zomer. Het is toeval, maar dat maakt het niet minder leuk. Het begon eerder deze week met een mail die we via de Provincie Zeeland ontvingen. Uitgeverij Luitingh-Sijthoff kondigde daarin een nieuwe historische roman aan: De wonderkamer van Brenda Meuleman. Een boek dat op 1 oktober verschijnt en zich voor een belangrijk deel afspeelt in Middelburg, in het jaar 1681.
Dat wekte uiteraard meteen onze belangstelling. In De wonderkamer volgen we Jeanne, die na het overlijden van haar moeder vanuit Amsterdam naar Middelburg reist. Daar treedt ze als meid in dienst bij een welgesteld en kinderloos apothekersechtpaar. Apotheker Adriaan houdt zich graag op in een geheimzinnige kamer vol opgezette dieren, rariteiten en andere exotische zaken. Zijn vrouw Christina draagt ondertussen haar eigen geheimen met zich mee. Jeanne komt niet zomaar naar Zeeland: ze wil uitzoeken wat het echtpaar te maken heeft met een familiegeschiedenis waarover haar moeder haar op haar sterfbed vertelde.
We belden Brenda Meuleman maar eens op. Waarom koos iemand die niet uit Zeeland komt uitgerekend Middelburg als decor voor haar verhaal?
Het antwoord was eigenlijk heel eenvoudig: ze wilde deze keer eens níét in Amsterdam terechtkomen. Toen ze zich ging verdiepen in andere Nederlandse steden uit de zeventiende eeuw ontdekte ze hoe belangrijk Middelburg destijds was. De stad behoorde in de bloeitijd tot de belangrijkste steden van de Republiek en was internationaal sterk georiënteerd. De Kamer Zeeland van de VOC was na die van Amsterdam de belangrijkste Kamer van de compagnie. De VOC had hier niet alleen kantoren en pakhuizen, maar ook een grote scheepswerf. Daarnaast waren Middelburgers actief binnen de WIC en in de particuliere handel.
Dat alles liet flinke sporen na. Aan de haven werden Oost-Indiëvaarders gebouwd en uitgerust. Op de VOC-werf werkten timmerlieden, smeden, zeilmakers, schilders, kuipers en allerlei andere ambachtslieden. In de stad woonde tegelijkertijd een rijke bovenlaag van kooplieden en bestuurders, in grote huizen die werden gevuld met luxe goederen van overzee. Ook op cultureel gebied deed Middelburg volop mee: in de zeventiende eeuw was de stad een belangrijk centrum voor onder meer schilderkunst, zilversmeedkunst en andere ambachten.
Kortom: voor een roman over een apotheker, exotische voorwerpen, handel en een wonderkamer was Middelburg eigenlijk helemaal geen vreemde keuze.
Meuleman kwam voor haar onderzoek een paar keer naar Middelburg. Dat onderzoek neemt ze serieus. Niet zo vreemd ook: behalve schrijver is ze kunsthistorica en werkzaam in de kunst- en antiekhandel. Ze wilde weten hoe de stad er in 1681 uitzag, waar haar personages konden lopen en welke gebouwen, straten, beroepen en gebruiken bij die tijd pasten.
Wij mochten de drukproef van De wonderkamer bekijken. En juist voor wie Middelburg goed kent is dat erg leuk. Bekende plekken duiken voortdurend op. De Rotterdamsekaai bijvoorbeeld, het Oost-Indisch Huis, het Armenweeshuis bij de Noordpoort en de Vlissingse Poort. Af en toe wordt het bijna een kleine historische stadswandeling.
Het leukste detail vonden we ergens anders. Een deel van het verhaal speelt zich af in Het Fortuintje, een herberg in de Schuitvlotstraat. Die kroeg heeft echt bestaan. Sterker nog: in een reisboek uit 1689 wordt Het Fortuintje al genoemd als een van de Middelburgse herbergen waar reizigers terechtkonden.
Toen we Meuleman vroegen hoe ze juist bij zo’n kleine, inmiddels volledig verdwenen kroeg terecht was gekomen, bleek het antwoord extra aardig: via Middelburg Dronk. Onze eigen oude kroegendatabase dus. Daar staat Het Fortuintje inderdaad vermeld als herberg aan de Schuitvlotstraat, met een tijdlijn vanaf de jaren 1680.
Dat vinden we natuurlijk prachtig. Ooit begonnen we Middelburg Dronk vooral om de geschiedenis van cafés, kroegen en andere horecazaken vast te leggen. Dat zo’n vermelding jaren later weer opduikt in een historische roman is precies het soort onverwachte omweg waar we vrolijk van worden.
De wonderkamer verschijnt op 1 oktober 2026, telt volgens de huidige gegevens 356 pagina’s en verschijnt ook als e-book en luisterboek. Mocht Brenda Meuleman rond de verschijning nog eens naar Middelburg komen, bijvoorbeeld voor een presentatie of gesprek in De Drvkkery, dan lopen we natuurlijk graag even binnen om ook daar wat foto’s te maken.
Maar daarmee zijn we nog niet klaar met de zeventiende eeuw. Want de afgelopen weken dook er nóg iets uit die periode op in Middelburg…Zie deel 2 van ‘De 17e eeuw komt naar ons toe deze zomer’.
Afbeeldingen
Foto 2: collectie Brenda Meuleman
Foto 3: Collectie KZGW, beeldbank Zeeuws Archief
Afbeelding 4: Google Books