Zijn er mensen die wel eens hebben gehoord of hebben gelezen over de grote buurtfeesten die, ook zeker tijdens de paasdagen, werden gehouden in de omgeving van de Nederstraat/Veerseweg en de voormalige Dampoort?
Het waren feesten/kermissen van belang, zo lijkt het, die werden gevierd met Pasen én in de zomer. Toch is er opvallend weinig over die feesten terug te vinden. Pas als je een paar versnipperde krantenartikelen naast elkaar legt, begint het beeld zich te vullen.
De belangrijkste bron is een artikel uit 1931 van Levien de Bree, die zich baseerde op herinneringen van oudere bewoners. Hij maakt meteen korte metten met een hardnekkig misverstand: de ‘Dampoortsche kermis’ was niet één feest, maar een verzamelnaam voor drie verschillende vieringen: Paasch-Maandag, Paschen-drie en een zomerkermis in juli.
Die laatste, de échte Dampoortse kermis, werd volgens De Bree al in de jaren 1860 niet meer gehouden. Maar de naam bleef hangen en verschoof naar de paasfeesten. Dat verklaart meteen een deel van de verwarring in de bronnen.
Op Paasch-Maandag begon het feest vroeg. Al tussen vijf en negen uur ’s morgens trokken mensen naar de Dampoort en de Koudsteensche dijk om eieren te garen, een typisch Walchers gebruik.
Daar bleef het niet bij. De Bree beschrijft een dag vol spel en beweging: varen over de moddervest in een tobbetje of bootje, kruiwagenraces met geblinddoekte deelnemers, hardloopwedstrijden waarbij twee mannen aan elkaar waren vastgebonden, broodjes happen die doordrenkt waren met stroop en het turfrapelen. Maar met kerktijd moest alles gedaan zijn.
Later op de ochtend werd het druk in de Dampoortse cafétjes. In de middag speelden kinderen op straat, werd er geknikkerd met hazelnoten en sprongen meisjes touwtje.
’s Avonds kreeg het feest een bijna ritueel karakter. Kinderen verzamelden zich voor een flambouwentocht, terwijl elders in de stad, op plekken als de Varkensmarkt, Vismarkt en Haringplaats werd gedanst en gezongen rond kringen van brandende vetkaarsjes. Die zogenoemde kaarsjesronde doet denken aan oudere lentefeesten, al wist De Bree zelf niet zeker of er een verband was met paasvuren elders.
Waar Paasch-Maandag nog sterk geworteld was in spel en traditie, was Paschen-drie ronduit kermis. Er stonden een schommel en een draaimolen en er waren koek- en sinaasappelkramen. Uit de rest van de stad en zelfs uit de dorpen kwam veel publiek op het feest af.
Opvallend is dat de volksspelen van Paasch-Maandag hier ontbraken. In plaats daarvan werd er gedobbeld om sinaasappelen en eieren. Dat wijst op een andere sfeer: losser, drukker en waarschijnlijk ook rumoeriger.
De oudste en grootste vorm van het feest was de zomerkermis, gehouden op de tweede of derde zaterdag van juli. Het hoogtepunt daarvan was het ringrijden. Volgens een ooggetuige deden er vijfentwintig tot dertig rijders mee, een fors aantal. De organisatie lag in handen van een paardenkoopman die weken van tevoren deelnemers uit heel Walcheren bijeenbracht.
Daarnaast waren er ringlopen voor jongeren en balgooien. Het feest trok veel publiek en was duidelijk geen besloten buurtgebeuren meer. Mensen kwamen van heinde en verre kijken.
Wie alleen De Bree leest, zou bijna denken aan nostalgische volksfeesten. Maar andere bronnen laten een minder idyllisch beeld zien. Een krantenbericht uit 1881 spreekt over het verzwelgen van grote hoeveelheden alcohol en maakt melding van een ongeluk waarbij een ruiter een jongen verwondt.
Een ingezonden brief uit die tijd is nog kritischer. De schrijver spreekt van barbaarschheid en beschrijft hoe een jongen bijna werd doodgeslagen terwijl er geen politie aanwezig was om in te grijpen. Hij vraagt zich af waarom er geen toezicht is en suggereert zelfs dat de burgemeester de kermis zou moeten verbieden.
Dit soort berichten laat zien dat de feesten niet alleen gezellig en verbindend waren, maar ook gepaard gingen met drank, geweld en spanningen.
Juist dat maakt het begrijpelijk waarom er zo weinig over is vastgelegd. De feesten bij de Dampoort waren niet officieel georganiseerd en lieten daardoor nauwelijks sporen na in archieven. Voor de bewoners waren ze vanzelfsprekend en dus niet iets om uitgebreid te beschrijven. Bovendien kwamen ze vooral in de krant als er iets misging.
Veel kennis over de feesten is mondeling overgeleverd en pas opgeschreven toen ze al aan het verdwijnen waren.
Of zijn er toch boeken waarin we er meer over kunnen lezen? Of kent iemand een mooie prent of iets dergelijks? Nu doen het maar even met beelden de buurt in andere tijden. Veel eerder, of juist later, zoals die foto’s van feestgangers in café Dampoort, in de jaren 50.
Foto’s: beeldbanken Zeeuws Archief en ZB Bibliotheek van Zeeland en Middelburg Dronk.
Knipsels: ZB Krantenbank Zeeland