De geschiedenis van de stad Middelburg blijft fascineren. Anno 2026 hebben we het nog maar al te vaak over de vele regels en wetten die ons worden opgelegd, maar de bestuurders van rond 1430 waren ook geen lieverdjes hoor. Check het onderstaande overzicht maar eens. Die tekst (omgezet naar moderner Nederlands) komt uit
Inventaris van het oud archief der stad Middelburg 1217-1581 van de Stoppelaar. Preciezer: uit het Register Ordonnantie voor de vleeshouwers, 1430, p. 31 en volgende.
De meesters en schepenen van Middelburg bepalen het volgende:
In herbergen mag wijn alleen tegen directe betaling worden verstrekt, of tegen afgifte van een onderpand. In kloosters mag wijn uitsluitend worden verkocht in kannen of flessen.
Niemand mag zich in Middelburg of Arnemuiden schuldig maken aan overspel, en niemand — man noch vrouw — mag daarvoor kamers of huizen verhuren. Overtreding wordt bestraft met twee jaar verbanning; bij terugkeer in de stad volgt een boete van 20.000 gebakken stenen.
Wie wordt betrapt op vals spel of dobbelen met vervalste dobbelstenen, of wie door manipulatie van dobbelstenen iemand zijn geld afhandig maakt, zal:
* gedurende drie opeenvolgende marktdagen telkens drie uur aan de schandpaal (kaak) worden gesteld;
* tien jaar uit de stad worden verbannen; en pas mogen terugkeren na betaling van 10 pond aan de landsheer en 10.000 gebakken stenen aan de stad.
Met kloot- of andere bogen mag niet op straat worden geschoten, maar uitsluitend in de schuttershoven.
Niemand mag varkens los op straat laten lopen, behalve op Sint-Antonius- en Sint-Cornelisdag, elk met één zogende zeug.
Varkenshokken mogen niet aan de straatzijde worden gebouwd.
Op de stadswallen mag men geen was bleken en geen varkens, paarden of andere dieren laten lopen.
Iedereen die binnen Middelburg woont, mag geen bier van buiten de stad halen zonder betaling van accijns. Bier en wijn mogen alleen worden opgeslagen in aanwezigheid van de accijnsambtenaar.
Het is verboden vermengde of slechte wijn in te voeren, te verkopen of te schenken.
Alleen poorters mogen het beroep van makelaar uitoefenen.
Bij de kerkgang na een bevalling mag men niet meer geven dan één stoop wijn en twintig groten.
Wie een kind ontvoert of beschadigt, verbeurt zijn leven (doodstraf).
Alle knechten die Latijn willen leren, moeten onderwijs volgen aan de grote school, en nergens anders.
Het kegelen of spelen om geld of goederen in de kegelbaan is verboden voor poorters en hun kinderen.
Niemand van buiten de stad — behalve kooplieden, hun vertegenwoordigers, knechten en ambachtslieden — mag zich in Middelburg ledig ophouden, leven van vrouwen, of zich schuldig maken aan losbandig of verdacht gedrag, op straffe van 10.000 gebakken stenen.
Wie valse ellen, maten, gewichten of schalen gebruikt, verliest deze en betaalt bovendien een boete van drie pond per overtreding.
Wie langer dan een half jaar in Middelburg woont zonder poorter te zijn, verbeurt drie pond, met uitzondering van degenen die dagelijks in hun onderhoud voorzien door arbeid.
Handel drijven met loten, godspenningen of andere kansmiddelen wordt bestraft met een boete van honderd pond.
Haringtonnen moeten worden gemaakt van gaaf en stevig hout.
Zaadolietonnen mogen alleen worden gemaakt en verkocht met een inhoud van veertig stoop en moeten zijn gemerkt met het stadsbrandmerk.
In stadswallen, havens en openbare waterputten mag geen mest worden geworpen.
Niemand mag op straat of voor zijn huis wagens, karren, hout, balken, sparren, stokken of andere materialen laten liggen.
Het is verboden op straat met de bal te slaan of te gooien.
Op de markt is het verboden kramen, tafels of banken te plaatsen voor de verkoop van fruit, mercerie, kruidenierswaren of brood.
Afbeeldingen: een paar willekeurige, oude Middelburgse prenten uit de collecties van het Zeeuws Archief en het KZGW.