Zijn jullie ook zo dol op die kleinschalige handeltjes of andere initiatieven rondom voordeuren in Middelburg centrum? Wij wel. We worden er meestal vrolijk van.
Vanochtend werden we ook blij van de aanblik van een paar kleine waslijnen in de Molstraat, naast een voordeur. “Verhalen -direct van de schrijver-“, lazen we op het krijtbord ernaast. “1 euro in brievenbus aub!”
We hadden helaas geen muntgeld op zak, maar we maakten natuurlijk wel een paar kiekjes van het tafereel. We namen ons voor om thuis de website te bezoeken die op de pamfletjes staat vermeld, www.alexhijmans.com.
Zojuist bekeken we de site en we vielen van de ene verbazing in de andere. De schrijver en journalist Hijmans werd in 1975 geboren in Heemskerk. Op zijn twintigste vertrok hij naar Galway, waar hij Iers en journalistiek studeerde. Hij bleef uiteindelijk twaalf jaar in Ierland en leerde het Iers zo goed dat hij erin ging schrijven en journalistiek bedrijven. Hij werkte onder meer voor de Ierstalige krant Foinse, Raidió na Gaeltachta, RTÉ en TG4. Daarna vertrok hij in 2008 naar Salvador in Brazilië, waar hij zestien jaar in een volkswijk woonde en als schrijver en correspondent werkte.
Dat Ierstalige schrijverschap werd en wordt goed ontvangen. Zijn non-fictieboek Favela en verhalenbundel Gonta wonnen allebei een Oireachtas-prijs voor Ierstalig proza. Zijn roman Aiséirí werd opgenomen in de selectie 50 Irish Books en verschillende werken van hem kwamen op universitaire leeslijsten terecht. Twee verhalen uit Idir dhá thír werden zelfs verplichte lectuur op Ierstalige middelbare scholen. Hijmans schrijft nog altijd twee keer per week voor de Ierstalige nieuwssite Tuairisc.ie. In ZB Krantenbank Zeeland zien we dat Hijmans ook nog een tijdje voor de PZC schreef, als correspondent in Brazilië.

Een column van Alex Hijmans op tuairisc.ie.
We kunnen die Ierse columns van Hijmans zelf niet lezen, maar een paar recente gaan over Middelburg. Daar werden we nieuwsgierig van. We lieten er daarom een paar vertalen. In de column bij de foto hierboven schrijft hij over zijn kennismaking met de stad, de buren en de vele toeristen. Aanvankelijk deed hij, samen met een paar buren bij wie hij op bezoek was, zijn beklag over die toeristen, maar door een opmerking van een andere buurvrouw realiseerde hij zich dat de ondernemers en de stad die toeristen ook nodig hebben om te kunnen blijven bloeien.
Hij sluit het stuk af met het inzicht dat toerisme niet alleen zorgt voor werkgelegenheid en extra inkomsten maar ook maakt dat de inwoners zelf, zelfs degenen die niet in de toeristische sector werken, iedere dag profiteren van voorzieningen die er zonder al die bezoekers niet zouden zijn.
In de slotzin stelt hij: “Middelburg, Cádiz en ook Galway zouden zonder al die mensen met grote camera’s aan riemen om hun nek niet veel meer zijn dan kleine steden aan de rand van het continent.”
Hijmans schreef ook over ‘de hubs van de Flex‘, over zijn tante die vroeger in Middelburg woonde, en over geluiden die hij uit de ventilatieschachten die in zijn nieuwe appartement hoorde komen.
En die verhalen aan de waslijn? Die hangen er sinds een week of drie. Het project legt Hijmans uit op zijn eigen website. Hij schrijft onder meer:
“In Brazilië, waar ik zestien jaar woonde, verkochten straatventers vroeger (soms nog) pamfletten met verhalen door ze met wasknijpers aan een gespannen draad te hangen. Er ontstond zelfs een specifiek genre: literatura de cordel, waslijnliteratuur. Vorige zomer, toen mijn moeder aan het laatste hoofdstuk van haar leven bezig was en ik tijdelijk in mijn ouderlijk huis in Heemskerk woonde, besloot ik ter afleiding een paar van mijn eigen korte verhalen aan de waslijn te hangen. Een verhaal voor een euro, het werkte. Fietsers stapten af, wandelaars bleven staan. Opeens werd in het Heemskerkerduin over literatuur gepraat.”
[…]
“Mijn verhalenstalletje is ouweschool. Het heeft geen Instagramaccount, je kunt niet pinnen, en je eurootje mag gewoon in de brievenbus.”
Superleuk!