Bijna een jaar geleden stapte Roos Herman uit Dordrecht ZB Bibliotheek van Zeeland binnen als interim-directeur. Een paar maanden later informeerden we of we haar wellicht voor mochten stellen, bij Wij zijn De Stad. Ze reageerde enthousiast, maar van een afspraak kwam het vervolgens niet meteen. Als interim in tijden van bezuinigingen ren je van afspraak naar afspraak, is er intern veel te regelen en heb je ook alle tijd nodig om een organisatie te leren kennen. We hadden zelf ook helemaal geen haast bovendien.
Maar inmiddels heeft Roos een vaste aanstelling. Vanaf 1 januari 2026 is ze de nieuwe directeur-bestuurder van de ZB in Middelburg. Toen dat bekend werd was er geen houden meer aan. We maakten de lunchafspraak alsnog. “Waar spreken we af? Bij Jells onder de Lange Jan? Gezellig! Daar ben ik wel eens eerder geweest!”
Een uurtje is zo om natuurlijk, maar er kwamen veel verschillende onderwerpen voorbij tijdens die lunch. We spraken over een organisatie ‘die staat als een huis’, over Zeeland, AI, het belang van samenwerking met andere instellingen , haar dochter op de theaterschool, een oma van 106 jaar oud én over een eigen bijenvolk. Want ja, Roos is ook imker.
Wie is de vrouw die nu aan het roer staat van de ZB Bibliotheek van Zeeland? En wat ziet zij als de belangrijkste uitdagingen voor de komende jaren?

Eenmaal aan tafel, met flatbread en een tosti op komst, en nog voordat de thee is ingeschonken, komt het feit dat de ZB staat voor een forse bezuinigingsopgave staat meteen aan bod. Dat moet toch een lastige opgave zijn, als je net bent begonnen als directeur. Spannend, maar Roos probeert er ook een kans in te zien. Ze vertelt hoe ze de huidige situatie gebruikt om opnieuw naar de organisatie te kijken: wie betaalt wat, waar gaat het geld naartoe, en klopt de inrichting van het geheel nog met de opdracht die er ligt? “We werken met gemeenschapsgeld. Dan wil je dat wat je doet ook echt terugkomt bij de samenleving.”
In plaats van direct te snijden in dienstverlening, kijkt ze eerst naar de processen, de huisvesting en de organisatie. De nieuwe strategische koers is geënt op de drie landelijke maatschappelijke opgaven voor bibliotheken: een geletterde samenleving, participatie en informatievaardigheid en ‘een leven lang ontwikkelen’. Alles wat de ZB doet, van de programmering tot samenwerkingen, wordt langs die drie lijnen gelegd: draagt het daaraan bij of niet?
En hoe ziet ze dat rapport van Berenschot, waar wij in oktober over schreven, met daarin die opties om musea en culturele instellingen samen te voegen in Middelburg of elders? De ZB stond daar gewoon ook in, als reële optie. Dat roept natuurlijk vragen op bij sommigen. Zijn er fusieplannen? Komen er grote verschuivingen aan? Roos is daar helder over: nee, er lopen geen concrete gesprekken over een fusie tussen ZB en musea. In het rapport wordt een mogelijkheid genoemd, meer niet. Wel lopen er onderzoeken: het Zeeuws Museum heeft te weinig ruimte en kijkt naar alternatieven. Tegelijkertijd wordt provinciaal gekeken naar een gezamenlijk museaal depot voor collecties die nu overal in Zeeland verspreid liggen. Maar dat zijn twee aparte trajecten.
Maar hoe je het ook wendt of keert: het is nu niet wat je noemt een rustig instapjaar voor Roos. Er waren relatief veel mensen die vertrokken bij de organisatie (ook door natuurlijk verloop), er is gewerkt aan een nieuwe strategie, en dan ook nog de genoemde bezuinigingen én zulke toekomstscenario’s.
Voordat Roos naar de ZB kwam, werkte ze jarenlang bij MEE, de organisatie voor mensen met een beperking. Van maatschappelijk werker groeide ze door naar regiomanager en rondde ze een MBA af. Vervolgens stapte ze over naar de bibliotheeksector, als directeur-bestuurder van Bibliotheek West-Brabant. Dat was haar eerste directeursrol. “Ik wilde graag weg uit de hulpverlening, maar ook blijven werken in een organisatie met maatschappelijke meerwaarde.”
Die bibliotheekervaring helpt haar nu bij de ZB: ze kent de financieringsstructuren, landelijke overleggen, organisaties als de VOB en SPN, collega-directeuren én de thema’s die overal spelen. De ZB is voor haar wel breder dan ze gewend was: dat is namelijk niet alleen een openbare bibliotheek, maar ook een provinciale en een wetenschappelijke. “Gelukkig”, zegt ze meermaals, “werken er ook mensen ‘die er al wat langer zitten’ en precies weten hoe het in elkaar steekt. Iemand als Anne Buteijn, bijvoorbeeld.”
Aanvankelijk kwam Roos als interim-directeur, op uitnodiging van de Raad van Toezicht van de ZB. Middelburg was niet bepaald om de hoek vanuit Dordrecht, dus het plan was: een jaar helpen, de organisatie stabiliseren en dan weer door. Maar toen kwam alles tegelijk: het vertrek van drie MT-leden, de noodzaak van een nieuw strategisch plan, de bezuiniging. Het werk werd interessanter, urgenter. Ze zat er opeens echt middenin en begon steeds meer mee te bouwen aan de koers. “Toen dacht ik: als ik het zo leuk vind, waarom zou ik dan niet meedoen in de sollicitatie?” De rest is geschiedenis: van interim-directeur werd ze directeur-bestuurder, na een procedure waarin ook veel aandacht was voor continuïteit. Roos was al ingewerkt, kende de dossiers en de mensen.
Wat opvalt tijdens ons gesprek, is hoe vaak samenwerking langskomt. ZB met het Archief, met het museum, met andere Zeeuwse partijen, en met bibliotheken elders in het land. Roos is geen directeur die overal zelf in beeld hoeft. “Ik geloof heel erg in wat we met elkaar bereiken. Het hoeft niet allemaal op mijn conto te staan.” Soms zit ze ook gewoon aan tafel, nu eens als lid van een panel, dan weer als coördinator of gewoon als collega. Ze is een bouwer, iemand die liever een netwerk weeft dan alle spotlights pakt.
We hebben het natuurlijk ook over de bibliotheek van nu. Die is veel gericht op educatie en de maatschappij dan vroeger. Werk gebeurt allang niet meer alleen in het gebouw: er zijn partnerschappen, projecten in wijken en dorpen, digitale dienstverlening, lesprogramma’s, spreekuren voor de digitale overheid, en cursussen voor wie de weg op internet nog niet goed kent.
En dan is er nog de enorme variatie aan programmering, soms zóveel dat we onszelf afvragen of het niet een tikje teveel is. Roos kijkt daar nuchter naar: zolang het bijdraagt aan de maatschappelijke opgaven en de juiste doelgroepen bereikt, is programmering een kerninstrument. Maar het moet wél efficiënt georganiseerd worden. De reset die nu gaande is, gaat daar óók over: processen, pandgebruik, samenwerking, kennisdeling.
Een van de onderwerpen waar we allebei enthousiast over zijn, is AI. We gebruiken het zelf al vaak, bij juridische kwesties, bijvoorbeeld, of voor analyses. Roos ook, maar wel altijd met een scherp oog op veiligheid. Ze gebruikt ChatGPT bijvoorbeeld om formats te laten maken, samenvattingen te genereren of haar eigen teksten te verfijnen. Niet om het zo in te leveren, maar als een digitale assistent dus. “Je moet het niet je werk over laten nemen, maar als assistent kan het enorm helpen.”
Ze benadrukt dat digitale vaardigheden ook intern aandacht moeten krijgen. Als bibliotheek kun je niet geloofwaardig de samenleving helpen als je eigen mensen niet mee kunnen in de ontwikkelingen. De kloof tussen wie snel leert en wie moeite heeft, mag niet te groot worden. Daarmee komt ook de vraag: neem je hele teams mee, of richt je je op voorlopers en proeftuinen? Roos ziet dat als een van de moeilijke, maar noodzakelijke vraagstukken voor de komende jaren.

Aan het eind van het gesprek verschuift het onderwerp naar haar privéleven. Roos woont in Dordrecht met haar 16-jarige dochter, die op de theaterschool in Rotterdam zit. Daarnaast zorgt ze intensief voor haar 106-jarige (!) oma, bij wie ze zelf ook is opgegroeid. Die combinatie van zorg, werk en reizen vraagt wat van haar week, maar ze klinkt er niet klagerig over, eerder rustig en nuchter.
En dan komt opeens ook een van haar passies voorbij: bijen. Ze volgde dit jaar de imkeropleiding en heeft nu haar eerste bijenvolk in een bijenstal. Ze wonen in een roze korf, nota bene. Enthousiast vertelt ze hoe elk bijenvolk functioneert als één organisme, waarin alle bijen door hun levensloop heen andere taken krijgen: poetsen, verzorgen, halen, verdedigen. “Alle rollen zijn even belangrijk. Haal je er één uit, dan raakt het evenwicht verstoord.”
Wij hoeven de vergelijking met een organisatie als de ZB niet eens hardop te maken; Roos doet dat zelf al. Ook daar zijn alle rollen belangrijk: van schoonmaak tot collectiebeheer, van ICT tot publiekswerk. Je kunt niet voor iedere taak een reservespeler op de bank hebben, maar je moet wel zorgen dat kennis overdraagbaar is, dat er structuur zit in wie wat weet en doet.
Nu ze een vaste aanstelling heeft is Roos vaker in Middelburg, maar ze werkt deels ook op afstand: per trein is het ongeveer anderhalf uur, die enkele reis naar Middelburg. Ze werkt veel onderweg, verwerkt daar de mail, en ze leest alle stukken.Verhuizen naar Zeeland is op dit moment nog geen plan. Haar dochter, haar oma en haar leven zijn en spelen zich af in Dordrecht. De toekomst laat ze bewust open. “Ik ga hier echt elke dag met plezier naartoe. Hoe het later loopt, weet je nooit.”
Na ruim anderhalf uur schuiven we onze borden aan de kant. Roos haast zich terug naar de ZB, want de organisatie draait natuurlijk gewoon door. Medewerkers aan de balie, vrijwilligers in de weer, bezoekers aan de leestafel, partners die in- en uitlopen.
Zelf lopen we naar de volgende afspraak en denken aan dat ene beeld: de bijenkorf. Een levend geheel, waarin iedereen zijn rol heeft en de kracht vooral zit in het samenspel. De komende jaren wordt er veel gevraagd van dat geheel: financieel, organisatorisch, digitaal. Maar wie goed luistert naar Roos, hoort vooral dit: ze wil bouwen, verbinden en de ZB nog steviger verankeren in Zeeland. Niet door alles zelf te doen, maar door het samen te dragen.
En dat past ons als stad, als provincie, eigenlijk heel goed. Ja toch? We roepen niet voor niets al jaren dat ‘Wij de stad zijn’. We doelen dan niet op onszelf, maar op ons allemaal.
Wij zijn De Stad, Wij zijn De ZB!
Foto’s Roos Herman bij bijenkorf: eigen collectie Roos