Sommige markten en evenementen in Middelburg bestaan na eeuwen nog steeds, zoals de weekmarkt en de kermis, maar er zijn er ook verdwenen. Vandaag stuitten we in een oude krant op een stukje over een dag waar we nog niet eerder van hadden gehoord. Nieuwjaarsdonderdag. Een beetje zoals Annetje-Liesjesdag, maar dan anders.
Nieuwjaarsdonderdag was een traditionele feestdag op Walcheren en werd gevierd op de eerste donderdag na Nieuwjaar. In het Walcherse dialect stond deze dag bekend als ‘Nieuwejaersdunderdag’. Het ging niet om een officiële feestdag, maar in de negentiende en vroege twintigste eeuw functioneerde deze donderdag feitelijk als een vrije dag voor de plattelandsbevolking. Deze eerste weekmarkt van het jaar was extra druk en had bijna het karakter van een jaarmarkt.
Iedereen die kon, trok die dag naar Middelburg, het economische en bestuurlijke centrum van Walcheren. Volkskundige Jan Vader noemde Nieuwjaarsdonderdag later “een van de voornaamste jaarlijkse feestdagen voor de vroegere Walcherse landelijke bevolking”.
De oorsprong van het gebruik was praktisch. Boeren en dorpelingen werkten vaak een heel jaar op krediet bij winkeliers, ambachtslieden en artsen. Voor hen begon Nieuwjaarsdonderdag zakelijk. Men ging naar de stad om de jaarrekeningen te betalen, afspraken glad te strijken en relaties te bevestigen. Dat afrekenen gebeurde zelden droog. Op kantoren en bij leveranciers stonden kistjes sigaren klaar en flessen ‘hartversterkend vocht’, want zaken doen ging beter met een glaasje erbij. Het was ook een blijk van dank voor de gedane zaken in het jaar ervoor.
Zie ook Zeeuwse Ankers en in de Encyclopedie van Zeeland.
Zodra de zakelijke plicht was vervuld, begon het feest. Dat er op die Nieuwjaarsdonderdag flink werd gedronken in Middelburg was algemeen bekend. Vrijeschoolpedagogie.com schrijft hoe vroeger werd gewaarschuwd dat men zich die dag “niet eigen onbekwaam moest drinken”. Maar voor jongeren was het juist ook een belangrijke ontmoetingsdag. Omdat vrijwel heel Walcheren in Middelburg samenkwam, bood Nieuwjaarsdonderdag volop gelegenheid om te flirten en nieuwe contacten te leggen. Er moeten meer dan eens huwelijken zijn ontstaan uit ontmoetingen op deze dag.
Of nu ook veel Middelburgers zich lieten gaan op die dag wordt ons niet duidelijk, maar het lijkt er niet op. In de jaren 60 schreef Jan Vader in ‘Het Neerlands Volksleven’ hoe alleen de armste landarbeiders, die geen vrij konden nemen, thuisbleven en met enige bitterheid zagen hoe anderen naar de stad trokken. Volgens hem feestten de stedelingen niet mee, en spraken ze minachtend over ‘de dag van de kaffers en boerentrienen’. Zie ook het stukje in Zeeuws Weerzien (2019).

Maar voor knechten en meiden was Nieuwjaarsdonderdag dus echt een dagje uit. In de cafés vloeiden de bakjes rijkelijk. Glazen van tweeënhalve borrel waren geen uitzondering. Een passage in de publicatie Eigen Haard schrijft dat in ‘donkere hoekjes van cafés zoete kusjes werden buitgemaakt bij gewillige vrijsters’. Het was een blijkbaar een dag waarop de rem eraf ging. ‘De ongebreidelde verering van Bacchus’, zoals iemand anders weer schrijft. Wat de rest van het jaar niet mocht, kon nu even wel.
En het kon druk zijn ook. In korte verslagen in de Middelburgsche Courant van de jaren 10 van de twintigste eeuw lezen we dat zaken soms uitpuilden. Café De Kroon op de Markt moest eens zelfs gedeeltelijk worden ontruimd omdat het er gevaarlijk vol werd. We lezen ook over een gast die tijdelijk werd opgeborgen door de politie omdat hij ‘een volksoploop’ had veroorzaakt.
En er was op die dag soms ook baldadigheid in de dorpen rond Middelburg. In de Westhoek van Koudekerke hield een groep jongens ‘van buiten’ geducht huis in januari 1915: deksels van regenbakken verdwenen in mestputten, ruiten werden ingegooid, vlechtwerk vernield en strobalen op kruispunten in brand gestoken. Zelfs de beerbak werd niet gespaard. De politie stelde een ‘streng onderzoek’ in en wist de daders uiteindelijk te ontmaskeren via iets onontkoombaars: de afdrukken van hun gummihakken in de modder.
Op al dat drinken en feesten, en op de ellende die er soms uit voortkwam, was uiteraard ook kritiek. Heerlijk is het taalgebruik in de rubriek De Week op Walcheren, in een editie van Ons Zeeland, van januari 1927. De onbekende auteur schrijft onder meer dat hij het betreurt dat op dat moment ‘de geest van devotie’ rondom het Driekoningenfeest verloren is gegaan…
en plaats heeft gemaakt voor een geest van ongebondenheid en van ongebreidelde vereering van Bacchus, als waarvan de Walchersche boerenjeugd ook weer dien Donderdag blijk gaf.
Hij vervolgt:
Wat voor zin heeft het toch, dat zovele jonge mannen en meisjes, ’s morgens sliertend en slungelend, ’s avonds slepend en slingerend, langs Middelburgse straten slampamperen en – kroeg-in, kroeg-uit – in de stad blijven ommezwerven? Niet alleen tot lang na het uur, waarop zij thuis gewoon zijn ter kooi te gaan, maar zelf nog lang, nadat de stadsbevolking de nachtelijke rust pleegt in te gaan.
Maar wie het rustiger wilde houden, had in Middelburg gelukkig ook opties, hoor. Ondernemers speelden handig in op de dag met advertenties voor bals, muziek en warme kost. Bij Café Zeelandia kon men op Nieuwjaarsdonderdag een kom erwtensoep krijgen voor dertig cent. Toch krijg je het gevoel, als je erover leest, dat Nieuwjaarsdonderdag niet altijd een even nette viering was. Het was misschien wel een soort ventiel. Na een jaar van hard werken, soberheid en gehoorzaamheid mocht alles er in één keer uit. Met kabaal, met drank, met blauwe plekken en met verhalen die nog lang werden doorverteld. Pas als die dag voorbij was, kon het nieuwe jaar écht beginnen.
Dankzij Delpher ontdekten we dat Nieuwjaarsdonderdag ook elders werd gevierd. In ieder geval ook in Meppel. Daar gaan we ons verder niet in verdiepen nu, maar daar kon het er ook heftig aan toegaan zeg! Schippers gingen op de vuist met boerenjongens. Of op de vuist? Alle soorten wapens werden gebruikt. Van bijlen tot voorhamers. De paar politieagenten ter plekke waren “aan de heidenen overgeleverd”. Check die passage:

In de loop van de twintigste eeuw verdween Nieuwjaarsdonderdag geleidelijk. Door veranderende betaalstructuren, maandelijkse rekeningen en modernere arbeidsverhoudingen verdween de noodzaak van één jaarlijkse afrekendag. Daarmee verdween ook de sociale functie van de bijeenkomst.
Na de Tweede Wereldoorlog raakte het gebruik snel in onbruik. In de jaren zestig werd Nieuwjaarsdonderdag al beschreven als een traditie die ‘kort geleden’ was verdwenen. Tegenwoordig is de eerste donderdag van januari op Walcheren een gewone werk- en marktdag.
Historische beschrijvingen en volkskundige studies (Jan ter Gouw 1871; J. Vader 1965zeeuwsweerzien.nlzeeuwsweerzien.nl), Encyclopedie van Zeelandencyclopedievanzeeland.nl, verhalenplatform Zeeuwse Ankers zeeuwseankers.nl, krantenarchief PZC (Tiny Polderman 1996) zeeuwseankers.nl, Heemkundige Kring Walcheren (De Wete 1984/1992) hkwalcheren.nl, en diverse online artikelen en blogsvrijeschoolpedagogie.comvrijeschoolpedagogie.com die de traditie beschrijven.
Foto’s: ZB Beeldbank Zeeland en Middelburg Dronk
Knipsels: ZB Krantenbank- en Tijdschriftenbank Zeeland, Delpher en Google Books.