Lees jij nog graag boeken en ben je ook geïnteresseerd in de geschiedenis van Middelburg? Dan is één van de boekentips waar De Drvkkery vanochtend de dag mee begon misschien wel wat voor jou. Deze week is het boek Bloedlijn verschenen, van Simone van der Vlugt. Een belangrijk deel van het boek speelt zich af in onze stad, in de dertiende eeuw.
Zelf lezen we nog maar zelden romans, maar naar dit boek zijn we toch wel erg nieuwsgierig geworden. Drie weken terug wees Anne-Marie Verburg ons op een bericht van de auteur, die kort daarvoor de Abdij in Middelburg had bezocht. Zo werd ons duidelijk dat Bloedlijn over koning Willem II en zijn zoon Floris V gaat, twee graven die ook zijn vereeuwigd als beelden op de gevel van ons stadhuis. Willem prijkt ook nog eens boven de Gistpoort, met links en rechts van hem de beelden Recht en Geloof.
De beelden van de stad kennen we zo zachtjes aan wel, maar van de verhalen erachter weten we vrijwel niets. Jullie wel? Als je twijfelt moet je maar eens kijken naar het overzicht van de namen bij de 25 beelden op deze website.
Als je online op zoek gaat naar meer informatie leer je al snel wat meer. Over het vraagstuk of Willem nu begraven ligt of lag in de Koorkerk, bijvoorbeeld. Daar lees je meer over bij Zeeuwse Ankers.
Je dwaalt ook al snel af naar Noord-Holland, waar Willem en Floris ook graaf van waren. Floris liet daar meerdere burchten bouwen, waaronder slot Middelburg bij Alkmaar. Die naam verwijst overigens niet naar onze stad, maar naar de eigen ligging, net als in ‘ons geval’.
Wíj zijn nieuwsgierig naar dit boek omdat we nog vrijwel niets weten over deze periode uit de geschiedenis van de stad, maar we kunnen het ons ook goed voorstellen dat je het wil lezen omdat je die geschiedenis juist wel kent.
Via de mail hadden we contact met Simone, die al enorm veel succesvolle boeken op haar naam heeft staan. Kijk maar eens op haar eigen website, of op Wikipedia.
We hadden haar gevraagd of we misschien een korte passage uit het boek, over Middelburg, mochten delen. Dat mocht! Je kunt het lezen op onze website. Daar zullen we ook nog wat links delen met informatie over Willem, Floris en Aleid.
Mogelijk komt Simone ook nog een keer naar Middelburg, voor een voor een signeersessie, maar dat is nog niet zeker. Sessies elders zijn er echter nu al in overvloed, kijk maar: https://www.simonevandervlugt.nl/agenda/.
Een paar uur later, als de bagagewagens zijn uitgeladen en ze met de kinderen het huis en de hof heeft verkend, laat Aleid een paard zadelen en rijdt ze, geflankeerd door een gewapende geleide, naar de abdij. Die is niet ver weg, maar de enthousiaste begroeting van de Middelburgers veroorzaakt opstoppingen in de smalle straten, waardoor ze lang over het ritje doet.
Aleid vindt het niet erg. De hartelijkheid van de mensen doet haar goed, en ze neemt de tijd om naar hen te zwaaien, en hier en daar een praatje te maken. Nadat ze haar aalmoezenier munten heeft laten rondstrooien, rijdt ze de poort door die toegang geeft tot het abdijplein. Aleid laat zich uit het zadel glijden en geeft de teugels aan haar bediende.
Abt Nikolaas komt haar tegemoet lopen, neigt zijn hoofd en zegt: ‘Welkom, vrouwe. Is alles naar wens in het gravenhof?’
‘Zeker. Alles is schoon en de provisiekasten zijn gevuld. Hartelijk dank.’
‘Dat is fijn om te horen. Mag ik u naar de eetkamer begeleiden?’
Ze lopen naar de kamer van de abt, waar een haardvuur een aangename warmte verspreidt. Twee hoge stoelen staan aan weerszijden van de tafel, de andere stoelen zijn weggehaald. In het midden van de tafel staan zilveren schalen met heerlijk geurend eten.
‘Hoe gaat het met u?’ vraagt abt Nikolaas met een bezorgde blik, terwijl ze plaatsnemen.
Nu ze alleen zijn hoeft Aleid haar masker van flinkheid niet meer op te houden. Daarvoor kennen de abt en zij elkaar te goed.
‘Het valt niet mee,’ zegt ze met een diepe zucht. ‘Gelukkig heb ik veel te doen, anders zou ik niet weten hoe ik de dagen moest doorkomen.’
‘U hebt in korte tijd grote verliezen geleden. Ik bid elke dag voor u. Ik vind het heel erg, ik had een zeer goede band met uw beide broers.’
‘Mijn broers spraken altijd gunstig over u. Vooral Willem.’
‘Ik heb begrepen dat u van plan bent om uw broer Floris hier in de abdij te laten begraven?’
‘Ja. Zijn lichaam bevindt zich nog in Antwerpen, maar ik zou hem graag naar Zeeland willen halen.’
‘Het is me een eer om daarvoor te zorgen. Laat u alles maar aan mij over, u hebt genoeg aan uw hoofd.’ De abt neemt wat van de schotel met gestoofd konijn die hem door dienaren wordt voorgehouden. ‘Hoe gaat het met de kleine graaf?’
‘Floris heeft eigenlijk geen weet van wat hij heeft verloren. Zijn vader heeft hij amper gekend, zijn oom Floris evenmin en zijn moeder kán hij niet leren kennen. Hij beschouwt mij als zijn moeder.’
‘De jongen is gezegend om op te groeien bij een tante als u. U geeft hem alles wat hij nodig heeft: liefde, warmte en bescherming.’
Foto’s en afbeeldingen: De Drvkkery, Simone van der Vlugt, eigen collectie, collectie Koninklijk Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen in de beeldbank van het Zeeuws Archief en Beeldbank Regionaal Archief Alkmaar.