Dat de Nederlandse middenstand niet blij was met de lockdown van december 2021 weet iedereen. Het was de zoveelste, maar deze keer kwam die toch wat onverwachter, net voor de periode van de grote kerstinkopen. En dat niet alleen: winkels in buurlanden waren wel gewoon geopend. De beelden van de topdrukte in steden als Antwerpen en Gent strooiden extra zout in de wonden. Nederland koos als enige land in Europa voor een lockdown. Dat stak.
Dat afgelopen vrijdag werd aangekondigd dat ‘niet essentiële winkels’ weer open mogen tot 17.00 uur was voor ons reden genoeg om op zaterdagochtend 15 januari, meteen om 10.00 uur, een random rondje Middelburgse winkeliers te doen. Gewoon, even een paar lachende gezichten vastleggen, ook al ging een groot deel van die gezichten schuil achter de nog altijd verplichte mondkapjes.
Blij waren ze hoor, de ondernemers, al moest er deze keer wel heel snel geschakeld worden. Belettering en posters over ‘click & collect’ moesten weer snel worden verwijderd, de winkels soms heringericht en meer van dat. Van een echte juichstemming was echter nog geen sprake. Winkeliers beseffen dat een binnenstad zonder horeca toch minder bruist, en een deel van het publiek weghoudt. En die horeca, die mag dus nog niet open. Over tien dagen misschien, ja. Misschien.
Al met al kwam de combinatie, op deze eerste openingsdag van 2022, toch nog een beetje goed, dankzij het feit dat een deel van de Middelburgse horeca gedoogd geopend was, uit protest tegen de ongelijke behandeling. De zaterdag kwam rustig op gang, maar ’s middags was het gezellig druk in de stad. De sfeer was een beetje gek. Een soort mengeling van opluchting en teleurstelling, met hier en daar een vleugje hoop of boosheid. De meest gehoorde opmerking? “Ik hoop echt dat dit de laatste keer was!” Iedereen is klaar met lockdowns.