Ha, is het niet prachtig? Rob van Hese vertelde onlangs dat hij wel eens muziek hoort, als hij over de klinkers van de Langeviele fietst. Vandaag wijdt hij er zijn wekelijkse Twittergedicht aan, getiteld ‘Klinkers’. Muziek is overal, zelfs op plaatsen waar je lang niet altijd mag fietsen 🙂
Het hele gedicht:
De klinkers klinken op onder handzame strelingen in staccato van de
man met de hamer die een schamel scala aan noten op zijn zang heeft
en slechts harde schakkeringen in het straatgeluid lijkt te hameren –
de muziek resoneert schots en scheef in de eckokamer van het oor.
Men moet zijn antenne richten naar waar de vlinder niet meer vliegt,
maar blijft hangen als een secretarisvogel van nood en verlangen.
Hij fietst op het gevoel door de Langeviele en zijn immer zingende wielen
absorberen de strakke melodie die opklinkt uit los liggende medeklinkers.
Op het verdronken trottoir geven de gehorige huizen het nawuiven van
de stuurmanskunst het oog van de argeloze fietser doet vermoeden –
schoonheid voor het oog en verlaagd offerte geluid op de achtergrond,
wanneer de schaaf van Utrechtse steen langs zijn arme arm schampt.
Men moet er niet licht over denken op een blauwe maandagmorgen
in de vertrouwde schaduwzijde van de Langeviele die de passie preekt
van het onbekeerde melodiezaad dat ontwaakt bij zoveel rauwe schoonheid.
Hij fietst, voelt de melodie aan den lijve en door het lichaam meanderen
als een stroom van noten, fluimen en sterren van ach en wee.
Onderbuikgevoel is het bekende liedje van tijd, plaats en handeling –
ingeklonken klinkers zingen zachter en zachter tot de zandhonger hen stilt.
https://twitter.com/Heserob/status/588241345980010496/photo/1