array(20) {
  [0]=>
  int(120134)
  [1]=>
  int(120122)
  [2]=>
  int(120129)
  [3]=>
  int(120132)
  [4]=>
  int(120123)
  [5]=>
  int(120116)
  [6]=>
  int(120117)
  [7]=>
  int(120121)
  [8]=>
  int(120118)
  [9]=>
  int(120119)
  [10]=>
  int(120120)
  [11]=>
  int(120124)
  [12]=>
  int(120125)
  [13]=>
  int(120126)
  [14]=>
  int(120127)
  [15]=>
  int(120128)
  [16]=>
  int(120130)
  [17]=>
  int(120131)
  [18]=>
  int(120133)
  [19]=>
  int(120135)
}

De geschiedenis van de tram in Middelburg

De geschiedenis van de tram in Middelburg, met 20 foto’s uit de beeldbank van ZB Bibliotheek van Zeeland, met teksten van onder meer Wikipedia, de Encyclopedie van Zeeland, het NVBS-archief en Middelburg Dronk.

Begin van een nieuw tijdperk: de eerste tramverbinding (1881)

Aan het einde van de 19e eeuw maakte Middelburg zich op voor een modern vervoermiddel: de tram. Plannen voor een paardentram tussen Middelburg en Vlissingen bestonden al in de jaren 1860, maar die kwamen niet van de grond. Pas na langdurige discussies en technische tegenslagen ging in december 1881 de eerste stoomtram rijden tussen de Markt in Middelburg en de Zeilmarkt in Vlissingen. Dit was meteen de allereerste tramlijn in Zeeland.

Een Belgische maatschappij (de Chemins de Fer Économiques Néerlandais) nam aanvankelijk de exploitatie op zich, wat echter met veel moeite gepaard ging. Enkele jaren later, in 1885, kwam er verbetering toen een nieuwe onderneming het overnam, met de fraaie Franstalige naam Tramways à Vapeur de Flessingue-Middelbourg et Extensions (TVFM). Dat jaar werd ook een zijtak in Vlissingen geopend, van het Betje Wolffplein naar het Badhuis, zodat badgasten en inwoners rechtstreeks naar de zeeboulevard konden tramrijden.

Kleine revolutie

De tram van Middelburg naar Vlissingen betekende een kleine revolutie in mobiliteit. Het treinstation en het pas gegraven Kanaal door Walcheren (beide gereed rond 1872) hadden Walcheren al verbonden met de rest van Nederland, maar de tram verbond nu ook de twee belangrijkste Walcherse steden met elkaar en met omliggende dorpen. Voor slechts 20 cent kon men in 1881 tweede klas van Middelburg naar Vlissingen reizen (een retourtje kostte 30 cent). De tram vertrok in Middelburg vanaf de Markt en boemelde vervolgens door de smalle straat Langeviele, om via de Vlissingsesingel (die al snel in de volksmond Tramsingel ging heten) de stad uit te rijden.

Over de Nieuwe Vlissingseweg tufte hij richting Vlissingen. In Middelburg keken inwoners vol nieuwsgierigheid toe hoe dit nieuwe vervoermiddel door hun straten reed. Men zag dames in Walcherse streekdracht met manden vol goederen instappen, en boeren brachten hun boter en groente per tram naar de weekmarkt in de stad. Het was een tijd dat de komst van de tram werd gevierd als symbool van vooruitgang.

Groei van het Walcherse tramnet: badplaatsen en dorpen

Al snel bleek dat er meer potentiële routes op Walcheren waren dan alleen de lijn langs het kanaal. Rond de eeuwwisseling ontstond een plan om Middelburg ook met de noordwestelijke kust van Walcheren te verbinden. In 1903 werd de N.V. Stoomtram Walcheren opgericht. Deze lokale trammaatschappij legde een geheel nieuwe route aan die vooral gericht was op het ontsluiten van dorpen én badplaatsen. Op 14 april 1906 vertrok de eerste stoomtram van Middelburg naar Domburg, de bekende kustplaats. Deze tram, al gauw de “badtram” genoemd – verliet Middelburg vanaf de Loskade aan het kanaal (vlak bij het station) en reed over de Blauwedijk de stad uit richting Koudekerke.

Vandaar boog de lijn af door het Walcherse platteland: via dorpen als Biggekerke, Zoutelande, Meliskerke en het gehucht Boudewijnskerke koerste de tram naar Westkapelle en vervolgens landinwaarts via Aagtekerke naar Domburg. Bij Koudekerke was bovendien een zijlijn aangelegd die zuidwaarts liep naar Vlissingen. Zo werd een driehoekig netwerk gevormd: Middelburg – Domburg, Koudekerke – Domburg en Koudekerke – Vlissingen, met Koudekerke als knooppunt. In de zomer reden sommige trams rechtstreeks van Middelburg naar Vlissingen over dit netwerk, terwijl op andere momenten overgestapt moest worden in Koudekerke.

De nieuwe stoomtramlijnen brachten leven in de brouwerij op Walcheren. Dorpen die voorheen slechts per hobbelige kar bereikbaar waren, kregen nu een snelle verbinding. Boeren konden hun melk, kaas en groenten efficiënter naar de stad vervoeren. Toeristen, een nieuwe verschijning in die tijd, namen de tram vanuit de stad naar Zoutelande of Domburg om een dagje van strand en zee te genieten. De tram deed dienst als schoolbus voor sommige kinderen van het platteland en als marktexpres voor kooplustige Walchenaren op weg naar Middelburg. Op marktdagen reden extra trams, de zogenaamde “markttrams”, om inwoners van dorpen als Koudekerke en Westkapelle naar de Middelburgse markt te brengen. Het beeld van een stomende locomotief die fluitend langs de akkers trekt of stopt bij een halte waar een groepje dames in klederdracht instapt, werd een vertrouwd onderdeel van het Walcherse dagelijks leven.

Elektrisch vervoer en bloeiperiode in de stad

In 1910 brak een nieuw hoofdstuk aan voor de tram in Middelburg. De stoomtram op de hoofdlijn Middelburg–Vlissingen werd dat jaar vervangen door een elektrische tramdienst. De Rotterdamsche Electrische Tramweg-Maatschappij had inmiddels de exploitatie in handen gekregen en legde boven de bestaande rails een netwerk van elektriciteitsleidingen aan. Op 14 juni 1910 klonk het klingelende belletje van een elektrische tram die voor het eerst vanaf de Markt vertrok richting Vlissingen. De overgang van stoombedrijf naar elektrische tram was spectaculair: geen rookpluimen meer in de binnenstad, maar stille tramwagens die soepel optrokken. Middelburgers keken vol bewondering toe hoe de groene trams, met bovenop hun pantograaf tegen de rijdraad, door de Langeviele gleden en voor het imposante stadhuis op de Markt halt hielden.

De elektrificatie had niet alleen vervoerstechnisch belang, maar ook een onverwacht neveneffect: Vlissingen kreeg door de tram zijn eerste elektrische centrale. De stroom voor de bovenleiding werd opgewekt in een nieuwe elektriciteitscentrale, die tevens de omliggende stad van elektriciteit voorzag. Zo werd Vlissingen de eerste gemeente op Walcheren met elektrisch licht in de straten, een tastbaar voorbeeld van hoe de tram de moderne tijd naar Zeeland bracht. In 1913 werd de tramlijn zelfs doorgetrokken (en geëlektrificeerd) tot aan het station Vlissingen, zodat treinreizigers direct op de tram naar Middelburg konden overstappen.

Het interlokale trammetje beleefde zijn bloeiperiode in de jaren 1910-1920. In Middelburg en Vlissingen reden de trams frequent: overdag doorgaans elk halfuur, en tijdens drukke uren nog vaker. De trams vervoerden jaarlijks honderdduizenden passagiers, van forenzen tot dagjesmensen. In de Provinciale Zeeuwsche Electriciteits-Maatschappij (PZEM), die de lijn in 1929 overnam, zag men de tram als een betrouwbare ruggengraat van het lokale openbaar vervoer.

De elektrische tram werd dan ook officieel geëxploiteerd onder de naam Electrische Tram Vlissingen–Middelburg en bleef een geliefd vervoermiddel. Tijdens de mobilisatie in de Eerste Wereldoorlog reed de tram iets minder frequent, maar hij bleef een essentiële verbinding zolang doorgaand treinverkeer beperkt was. Het tramspoor door Middelburg bepaalde mede het stadsbeeld: de Vlissingsesingel heette inmiddels bijna officieel Tramsingel en café’s langs de route gaven zich namen als Tramzicht of Tramhalte, ter ere van het passerende trammetje.

Maatschappelijke betekenis en herinneringen

De tram in Middelburg en op Walcheren was meer dan alleen een transportmiddel – hij was een fenomeen. Maatschappelijk gezien verminderde hij de isolement van plattelandsdorpen. Voorheen kostte het uren om met paard en wagen van Westkapelle naar de stad te komen; nu stapte men op de tram en was men binnen een uur op de Markt. Dit stimuleerde de economie: landbouwproducten konden sneller en in grotere hoeveelheden naar afnemers worden gebracht, en vissers uit Arnemuiden of Veere sloten beter aan op de markt in Middelburg. Toerisme ontwikkelde zich eveneens: zonder de stoomtram zouden badplaatsen als Domburg en Zoutelande veel minder toegankelijk zijn geweest voor stedelingen.

Cultureel gezien liet de tram zijn sporen na in verhalen en herinneringen. Generaties Walchenaren wisten nog precies op welke dagen de “botertram” of “markttram” reed – de rit waarmee boeren hun boter en kaas naar de stad brachten en vrouwen hun inkopen gingen doen. Kinderen renden naar de overwegbomen om de tram te zien puffen of, later, geruisloos te zien naderen onder de elektrische draad. De conducteurs en machinisten kenden de meeste passagiers bij naam.

Er bestaan anekdotes over trams die rond 1910 in de zomer propvol badgasten zaten, hun rieten strandstoelen en parasols dwars door de ramen stekend. Ook minder vrolijke momenten hoorden erbij: bij strenge vorst kon de dienst wel eens stilvallen en moest men met zand strooien om de rails begaanbaar te houden. Toch werd de tram vooral geassocieerd met betrouwbaarheid en verbondenheid.

Concurrentie, neergang en het einde van de tram

Vanaf de late jaren 1920 begon echter de afbraak van dit tramnet. De opkomst van de autobus en verbeterde wegen legden groeiende druk op de tramexploitatie. De N.V. Stoomtram Walcheren zag haar reizigersaantallen teruglopen; auto’s en bussen boden flexibel vervoer dat niet aan rails gebonden was. Al in 1926 was de stoomtrammaatschappij voorzichtig begonnen met het rijden van autobusdiensten naast de tram. In de crisistijd van de jaren ’30 kelderden de traminkomsten dramatisch. Daarbij kwam dat het onderhouden van de locomotieven en rails duur was.

In 1936 hakte de Stoomtram Walcheren een knoop door: op de weinig rendabele zijlijn Koudekerke–Vlissingen werden de reizigerstrams gestaakt. Voortaan bediende een bus het traject Vlissingen–Koudekerke en namen vrachtwagens deels het goederenvervoer over. Een jaar later, op 31 december 1937, tuftte de allerlaatste stoomtram over Walcheren. De tramdienst Middelburg–Domburg hield op te bestaan en werd geheel door bussen vervangen. Na ruim dertig jaar had de stoomtram zijn taak volbracht. De Walcherse dorpen bleven voortaan verbonden per autobus, die toevallig ook geëxploiteerd werd door dezelfde maatschappij, en die haar naam wijzigde in Streekvervoer Walcheren maar de initialen S.W. handig behield.

De elektrische tram tussen Middelburg en Vlissingen wist nog iets langer stand te houden. Hoewel er in 1937 geruchten gingen dat ook deze lijn zou verdwijnen, verzekerde eigenaar PZEM destijds dat de tram “zeker nog tot 1941” zou blijven rijden. Inderdaad bleef de tram tijdens de eerste oorlogsjaren rijden, zij het met horten en stoten. De werkelijkheid van de Tweede Wereldoorlog maakte echter korte metten met het tramverkeer. Op 17 mei 1940, bij het zware Duitse bombardement op Middelburg, raakte de tramlijn in de stad beschadigd. Desondanks kwam de dienst even later weer op gang, al keerde de tram niet meer terug op de Markt: het eindpunt werd verlegd naar de Pottenmarkt iets buiten het zwaar getroffen centrum.

Daarna bleef de tram nog vier jaar rijden onder moeilijke omstandigheden. In september 1944, tijdens de chaotische dagen rond Dolle Dinsdag, staakte de tram zijn ritten omdat zowel trein- als veerverbindingen op Walcheren toen ook uitvielen. Het definitieve einde kwam enkele weken later. Op 11 oktober 1944 vertrok ’s middags de laatste tram uit Middelburg richting Vlissingen, precies op het moment dat de geallieerden de dijken doorstaken voor de inundatie van Walcheren. Het water stroomde door de polders en overspoelde delen van de trambaan. Spoedig daarna lag de lijn letterlijk onder water en werd niet meer hersteld.

Slot: een blijvende herinnering

Na de oorlog werden de tramrails opgeruimd en verdwenen de karakteristieke bovenleidingsmasten uit het straatbeeld. De tram leefde voort in verhalen, fotoalbums en hier en daar een bewaard gebleven haltebord of conducteurspet. Waar ooit het belletje van de tram klonk, rijdt nu de bus. De huidige buslijnen volgen voor een groot deel het oude tracé van toen. Toch herinnert veel in Middelburg en Walcheren nog aan de tramtijd. In straatnamen duikt de tram op (zoals een Tramstraat in enkele dorpen) en oude spoorbruggetjes liggen verstopt in het landschap als stille getuigen.

Bronnen: encyclopedie van Zeeland, Middelburg Dronk, Wikipedia (diverse artikelen) en NVBS-archief.

Gerelateerde verhalen

Afbeelding #003 voor het verhaal Middelburg: stad van treinen en trams
Middelburg: stad van treinen en trams

Heerlijk! De tram is terug in Middelburg! Eerste foto: Niki Clerx Historische foto’s: Beeldbank Zeeland ZB Bibliotheek van Zeeland

16 dec 2025
Afbeelding #000 voor het verhaal Uit De Wete: Stalhouder Jan Koppejan, sleper in Middelburg (3)
Uit De Wete: Stalhouder Jan Koppejan, sleper in Middelburg (3)

Wat tof! De redactie van het tijdschrift De Wete, van Heemkundige Kring Walcheren, is begonnen met het versturen van persberichten rondom het verschijnen van nieuwe nummers. Redacteur Bert Gerestein liet […]

10 jan 2022
Afbeelding #000 voor het verhaal De levendige geschiedenis van de Blauwedijk in Middelburg
De levendige geschiedenis van de Blauwedijk in Middelburg

Als je de straat nu ziet zou je het niet meteen zeggen, maar de Blauwedijk in Middelburg heeft een hele rijke geschiedenis. Nu is het vooral een doorgaande weg, die […]

17 jul 2019
Afbeelding #000 voor het verhaal De paardentram van Schroevers stopt ermee
De paardentram van Schroevers stopt ermee

Haha, altijd net op het moment dat je denkt dat je de eigen stad behoorlijk goed kent komen er weer van die dingen op tafel die je met beide benen […]

30 jul 2015

Volgende verhalen

Afbeelding #004 voor het verhaal Maffe Middelburgse straatjes: De Ramstraat
Maffe Middelburgse straatjes: De Ramstraat

Als we een top tien zouden bijhouden van maffe Middelburgse straatjes, dan zou de Ramstraat er deze week met stip in binnenkomen! Tot vorige week was dit straatje, tussen de […]

19 feb 2026
Afbeelding #012 voor het verhaal Uit in Middelburg alsof het de jaren 90 zijn: de weekendagenda
Uit in Middelburg alsof het de jaren 90 zijn: de weekendagenda

Een avondje uit in Middelburg alsof het de jaren 80 of 90 weer zijn. Waarom ook niet? De agenda van Wij zijn De Stad Vanavond geeft Urbanus een voorstelling in […]

20 feb 2026
Afbeelding #002 voor het verhaal Barend Midavaine 80 jaar!
Barend Midavaine 80 jaar!

Vandaag wordt in Eetcafé De Basiliek de 80e verjaardag gevierd van Barend Midavaine. Hij kwam op 20 februari 1946 ter wereld in het Schuttershofcomplex, waar toen ook nog een kraamkliniek […]

20 feb 2026
Deze website maakt gebruik van cookies

We gebruiken cookies om content en advertenties te personaliseren, om functies voor social media te bieden en om ons websiteverkeer te analyseren. Ook delen we informatie over uw gebruik van onze site met onze partners voor social media, adverteren en analyse. Deze partners kunnen deze gegevens combineren met andere informatie die u aan ze heeft verstrekt of die ze hebben verzameld op basis van uw gebruik van hun services.

Noodzakelijke cookies helpen een website bruikbaarder te maken, door basisfuncties als paginanavigatie en toegang tot beveiligde gedeelten van de website mogelijk te maken. Zonder deze cookies kan de website niet naar behoren werken.

Statistische cookies helpen eigenaren van websites begrijpen hoe bezoekers hun website gebruiken, door anoniem gegevens te verzamelen en te rapporteren.

Marketingcookies worden gebruikt om bezoekers te volgen wanneer ze verschillende websites bezoeken. Hun doel is advertenties weergeven die zijn toegesneden op en relevant zijn voor de individuele gebruiker. Deze advertenties worden zo waardevoller voor uitgevers en externe adverteerders.

Voor meer informatie, bekijk ons privacybeleid.